Ga naar zoekveld

Glorie heeft een naam

Wie wordt niet stil van het heelal? Zo weids en zonder grenzen, volmaakt geordend, overal, een raadsel voor de mensen. Dit wonder spreekt van God alleen, in Hem zijn alle dingen één. Wie wordt niet stil van hoe God Zelf zijn liefde maar blijft geven? Van hoe Hij zoekt en vindt en helpt wie achter zijn gebleven. Glorieus in tederheid, de grote Maker heel dichtbij. En al die glorie heeft een Naam. Glorie heeft een Naam; een Naam die staat, een Naam die straalt. Jezus Christus bovenaan. Glorie heeft een Naam. Wie wordt niet stil van hoe Hij stierf, de Schepper zonder adem? Van hoe Hij zo de macht verwierf, als Koning van genade. De dood verslikt zich in zijn Naam, de Zoon van God is opgestaan. Jezus, Jezus. Een Naam die staat, een Naam die straalt. Jezus, Jezus. Jezus Christus bovenaan.