
2 Koningen 2:19-24: 19De inwoners van Jericho zeiden tegen Elisa: ‘U ziet wel dat onze stad op een goede plek ligt. Maar het water is slecht. Daardoor worden de kinderen hier veel te vroeg geboren en sterven ze.’
20Elisa zei tegen hen: ‘Breng me een nieuwe, ongebruikte schaal, met zout erin.’ Dat deden ze. 21Toen ging Elisa naar de bron waar het water van de stad uit kwam. Hij gooide het zout erin en zei: ‘Vanaf nu is dit water zuiver. Niemand zal meer door dit water sterven, en alle kinderen worden gezond geboren. Dat zegt de Heer.’
22Vanaf die dag was het water in Jericho zuiver, zoals Elisa gezegd had. 23Van Jericho ging Elisa naar de stad Betel. Terwijl hij naar de stad omhoogliep, kwam er een groep jongens uit de stad achter hem aan. Ze lachten hem uit en riepen: ‘Klimmen maar, kale! Klimmen maar, kale!’
24Elisa draaide zich om, en toen hij de jongens zag, riep hij: ‘De Heer zal jullie straffen!’ Op dat moment kwamen er twee beren uit het bos. En die aten 42 van de jongens op.
25Vanuit Betel ging Elisa eerst naar de berg Karmel. Daarna ging hij weer naar de stad Samaria.
Lied: Spreek o Heer
Meer horen? Beluister onze wekelijkse podcast
Morgen staat er weer een nieuwe video voor je klaar!

In onze gesprekskanalen bespreken we wat ons geraakt heeft tijdens de overdenking.
Door vriend van Nederland Zingt te worden zorg jij ervoor dat we mooie overdenkingen kunnen blijven maken.














15 /3441