Ga naar zoekveld

O God van hemel, zee en aard

O God van hemel, zee en aard, Gij zijt ons loflied eeuwig waard, o liefde, nooit geëvenaard, Gij gaaft het al. Als lente blij ons tegenlacht, de zomer prijkt met bloemenpracht, d´ aren staan in volle dracht, Gij gaaft het al. Wat wij ook gaven, U, o Heer, ´t keert duizendvoudig tot ons weer, wij geven ´t enkel U ter eer, Gij gaaft het al. O Gij, die onze Schepper zijt, wien gans ons hart is toegewijd, verleen ons Uw barmhartigheid. Gij gaaft het al.