Ga naar zoekveld

Op die heuvel daarginds

Op die heuvel daarginds stond een ruwhouten kruis, Het symbool van vervloeking en schuld; Maar dat kruis werd de mens tot het kostbaarst kleinood, Daar Gods wet aan dat hout werd vervuld. 'k Klem mij daarom aan Golgotha's kruis, Tot de Heer komt en met Hem het loon; Als die grote dag aanbreekt en Hij ons dat kruis Dan verwisselt voor d' eeuwigheidskroon. O, dat ruwhouten kruis, door de wereld gesmaad. Heeft een wond're bekoring en macht; Want Gods Zoon liet Zijn troon, Hij droeg smaadheid en hoon, Om de vreugd' die dat kruis voor ons bracht 'k Klem mij daarom aan Golgotha's kruis, Tot de Heer komt en met Hem het loon; Als die grote dag aanbreekt en Hij ons dat kruis Dan verwisselt voor d' eeuwigheidskroon. Van dat ruw-houten kruis met het bloed van Gods Zoon Straalt een licht dat door niets wordt gedoofd. Vol van schoonheid en pracht, vol van reddende kracht Voor een ieg'lijk die in Hem gelooft. 'k Klem mij daarom aan Golgotha's kruis, Tot de Heer komt en met Hem het loon; Als die grote dag aanbreekt en Hij ons dat kruis Dan verwisselt voor d' eeuwigheidskroon. Help mij Heer aan dat kruis, trouw te zijn tot de dood. Ook als hier smaad en spot is mijn loon. Want dat kruis droeg mijn straf, nam de schuld van mij af; 't Werd de toegang voor mij tot Gods troon. 'k Klem mij daarom aan Golgotha's kruis, Tot de Heer komt en met Hem het loon; Als die grote dag aanbreekt en Hij ons dat kruis Dan verwisselt voor d' eeuwigheidskroon. Dan verwisselt voor d' eeuwigheidskroon.