Ga naar zoekveld

Psalm 108

Mijn hart, o Hemelmajesteit, is tot Uw dienst en lof bereid. ‘k Zal zingen voor den Opperheer; ‘k zal psalmen zingen tot zijn eer. Gij, zachte harp, gij schelle luit, Waakt op; dat niets uw klanken stuit’; ‘k Zal in den dageraad ontwaken, en met gezang mijn God genaken. Ik zal, o Heer, Uw wonderdaan, Uw roem den volken doen verstaan; Want Uwe goedertierenheid Is tot de heem’len uitgebreid; Uw waarheid heeft noch paal noch perk, Maar streeft tot aan het hoogste zwerk. Verhef U boven ’s hemels kringen, En leer al d’aard’ Uw grootheid zingen.