Ga naar zoekveld

Ga mij niet voorbij

woensdag 3 mei 2017

Aan het eind van je latijn

Marcus 5: 25-28

‘Ze had haar hele vermogen uitgegeven zonder dat ze ergens baat bij had gehad.’ (vers 26)

De doktoren hadden haar niet kunnen helpen. Ze wist niet meer wat ze doen moest. Haar geld was op en haar gezondheid was alleen maar slechter geworden. Twaalf jaar was zij al ziek. Niet alleen de doktoren maar ook zij was aan het eind van haar Latijn.

De situatie moet herkenbaar zijn. Je bent uitgedokterd. ‘Mevrouw, we kunnen niets meer voor u doen.’ Vol verdriet loop je door de gang van het ziekenhuis naar buiten. Wat nu?

Er zijn ook andere situaties te bedenken. Voorvallen waar je krachten te kort schoten. Gebeurtenissen waar je op stuk liep. Je kon niet verder. Het was voorbij. Je was je baan kwijt. Of een andere situatie: je huwelijk was stuk.

We krijgen er allemaal mee te maken. Met onze begrensdheid, onze beperktheid, ons tekort. Je moet het boek Prediker maar eens lezen. Salomo heeft er een heel boek over geschreven. Trouwens de psalm die hij dichtte, psalm 127, gaat er ook over. Tevergeefs is het woord dat daar tot drie maal toe valt.

Misschien is voor al die situaties het verhaal van de vijf dwaze meisjes wel een duidelijke metafoor. Ze hadden te weinig olie. Beeld van ons leven. We schieten te kort. We zijn aan het eind van ons latijn.

In het verhaal van de vrouw die jarenlang aan bloedverlies leed, lezen we dat zij te einde raad besloot naar Jezus te gaan. Ze trok zich van alle regels niets meer aan. Ze vocht voor haar leven. Jezus was haar laatste hoop.

Ik denk wel eens, hadden die vijf meisjes dat ook maar gedaan. Gewoon naar de bruidegom gaan en vertellen van hun tekort. Zou Hij hen hebben weggestuurd. Wat dat betreft, was Maria, de moeder van Jezus verstandiger. Toen op de bruiloft in Kana er een tekort aan wijn ontstond, ging zij wel naar Jezus en vroeg Hem om hulp.

We worden allemaal geconfronteerd met tekorten. Op allerlei vlak. In ons eigen leven. Maar ook wereldwijd. We lopen tegen onze grenzen aan. En veel meer dan vroeger zijn we bereid dat te erkennen. Dat is een voordeel. Het lijkt wel of de mens van deze tijd zichzelf beter kent.

Opmerking - De vraag die blijft is, wat doe je er mee? Met dat besef. Met die wetenschap.

Deel deze overdenking: